Home


Vakantiehuis in Zweden huren | Vakantie met een rijke flora en fauna

Een vakantiehuis in Zweden huren is een mooie start van een gezellige vakantie. Het koninkrijk Zweden is een constitutionele monarchie met een gekozen parlement. In bestuurlijk opzicht is het land verdeeld in districten, maar de Zweden gebruiken niettemin nog de oude benamingen voor de toeristische regio's. Het zuiden is het dichtsbevolkte gebied. Van de vroege Middeleeuwen tot het midden van de 17e eeuw behoorde dit tot Denemarken, wat nog aan taal, bouwkunst en leefstijl is te merken. In het midden vormen de moderne hoofdstad Stockholm en de oude historische hoofdsteden Sigtuna, Birka en Uppsala de kern van het land.

Groot land

Kaart Zweden

Als je Zweden 180 graden zou draaien rond Zwedens zuidpunt als as, zou de noordpunt tot voorbij Rome reiken. Een indrukwekkend gegeven waarmee onderwijzers jonge scholieren een beeld geven van de omvang van hun land. Van noord naar zuid is het land 1574 km lang, de grootste breedte is 499 km. Ongeveer 85 procent van de mensen woont in de zuidelijke helft. Het is één van de landen die het verst verwijderd liggen van de evenaar. Het noorden, Norrland, beslaat drie vijfde deel van het land. Meer dan de helft van het land bestaat uit bos, 54 procent, 16 procent uit bergen, 9 procent uit meren en rivieren en 8 procent uit weiden en akkerland. Bebouwing en in cultuurgebrachte gronden nemen dus bij elkaar niet meer dan 13 procent van Zwedens bodem in beslag. Meer dan driekwart van het land is dan ook wildernis en ongerepte natuur. Qua oppervlakte komt het in Europa op de vijfde plaats, na Rusland, de Oekraïne, Frankrijk en Spanje. De hoogste berg Kebnekaise is 2111 m hoog. In het westen grenst Zweden aan Noorwegen, in het noordoosten aan Finland. De grens met Noorwegen is 1619 km lang, die met Finland 586 km. In het zuidwesten grenst Zweden aan het Skagerrak en het Kattegat met Denemarken aan de overkant, in het zuiden en zuidoosten aan de Oostzee en in het noordoosten aan de Botnische Golf. Vóór de oostkust liggen de eilanden Öland en Gotland. De kustlijn van Zweden is ruim 2700 km lang, de inhammen niet meegerekend, met alle inhammen bedraagte deze 7600 km.

Nationale parken

Nationaal park Sarek

Zweden was het eerste Europese land dat in 1910 overging tot de instelling van nationale parken, natuurgebieden met een beschermde planten- en dierenwereld. De drie grootste liggen in Lapland. In de noordelijke parken zijn tal van moerassen en watervallen, in die van Midden-Zweden vooral naaldbossen en in het zuiden ook duingebieden met een rijke flora en fauna. Door het schuiven van het landijs is in de ijstijd veel grond verloren gegaan. Zwedens bodem bestaat uit harde steensoorten, waarop zich slechts een dunnen laag vruchtbare grond bevindt. Het terugtrekkende ijs heeft de nodige zwerfstenen achtergelaten.

Het Caledonisch gebergte

Bergen Zweden

Het Caledonisch gebergte langs de grens met Noorwegen bereikt hoogtes van 1200 m in het zuiden tot ruim 2100 m in het noorden. Tot in de zomer zijn sommige toppen met sneeuw bedekt en boven de boomgrens liggen gletsjers. Kenmerkend voor de lagere gebieden zijn de langgerekte, met bos bedekte heuvelruggen. Van de Noors-Zweedse grens loopt het land geleidelijk af naar de Botnische Golf en de Oostzee. In deze richting stromen dan ook de meeste rivieren. Een afwisseling van bossen, weiden en akkers vindt u in het zuiden. Midden- en Noord-Zweden zijn minder in cultuur gebracht. Eeuwenoude bossen en meren beheersen daar het landschap. Het schuivende ijs heeft grote en kleine ronde en langgerekte uithollingen gevormd, die na het smelten van de ijskap met water werden gevuld. Zo ontstonden de bijna 100.000 Zweedse meren, die zoveel bijdragen aan het natuurschoon. In tal van meren liggen beboste eilandjes. Net als Finland zou Zweden evengoed het 'Land van de Duizend Meren' genoemd kunnen worden. In werkelijkheid tienduizenden. De bekendste en grootste meren liggen in het overgangsgebied van Zuid- naar Midden-Zweden: het Vänemeer, Vättermeer en Mälarmeer. Voor de west- en oostkust liggen ontelbare rotseilandjes ofwel scheren. Beide scherenkusten zijn populaire vakantiegebieden. Het totale aantal Zweedse eilandjes wordt geschat op minstens 150.000, waardoor bezit van een eigen eilandje soms haalbaar is. De overwegend vlakkere zuidkust van Halland en Skåne heeft mooie zandstranden. Het meest zuidelijke deel van Skåne (Scania), is een voortzetting van de vruchtbare vlakten van Denemarken en Noord- Duitsland.

Planten

Gotland

De Zweedse bodem is voor ongeveer de helft bedekt met bos, vooral naaldwouden van dennen, sparren en lariksen. In het zuiden vindt u ook loofbomen als eiken, beuken en fruitbomen, en minder frequent linden en iepen. De berkenbomen zijn karakteristiek voor het noorden, maar groeien ook in het zuiden. In het hoge noorden maken volgroeide naaldbomen en berken plaats voor dwergboompjes en struikgewas. Öland en Gotland hebben door hun droge kalkbodem een steppevegetatie met diverse heidesoorten en zeldzame orchideeën. In de zomer tooit Zweden zich met een bloemenpracht van lupines, klaprozen, korenbloemen, margrieten, wollegras en andere veldbloemsoorten. In het noorden is de flora echter minder gevarieeerd en overheersen mossen en korstmossen. Bij elkaar opgeteld groeien er in Zweden wel zo'n 2000 verschillende plantensoorten.

Dieren

Rendier

Zweden kent meer dan 300 soorten vogels, waaronder tientallen die in België of Nederland niet voorkomen. In de bossen treft u fazanten en hoenders, en in de kuststreken meeuwensoorten, eider- en andere eenden, en alken, raven, pluvieren, verschillende soorten roofvogels als valk, buizerd, dwergvalk en de zeldzaam wordende arend. Bij het Hornborgameer in Västergötland verzamelen zich in het voorjaar duizende trekvogels. In april paren hier de kraanvogels voor ze noordelijker vliegen, waar zij vervolgens nestelen. In het midden en zuiden van Zweden leeft heel wat klein wild zoals marters, wezels, vossen, maar ook reeën en elanden. Beren en lynxen komen alleen nog voor in het bergland aan de Noorse grens. In het noorden leven sneeuwhazen, poolvossen, lemmingen, rendieren, en de veelvraat, een zeldzaam, marterachtig roofdiertje. De rivieren en meren zitten nog vol vis, maar ook hier moet de tol betaald worden voor de vervuiling. Maar de Zweedse overheid is buitengewoon alert op alles wat milieu en gezondheid kan aantasten. De noordelijke wateren zijn het rijkst aan baars, snoek, forel en zalm. Langs de kusten leven haring, tonijn, schol, schelvis, makreel, kabeljauw en vooral strömming.

Flegmatiek

Mini Anden

Zweden hebben de naam flegmatiek te zijn. In de dagelijkse omgang zijn ze wat stug en hun gedrag lijkt braaf en volgzaam. Toch tintelt het land van bedrijvigheid en werkt de bevolking efficiënt en hard. Een andere individu benaderen met jouw zorgen, laat staan lastigvallen, kan niet. De zorg voor de medemens loopt via de collectieve voorzieningen. Familiebanden zijn zwak en een Zweed zal bij voorkeur proberen zichzelf te redden. Aan openlijke ruzies of het uiten van ongezouten kritiek hebben Zweden absoluut een hekel. Ze lopen liever een straatje om dan dat ze heftige emoties de vrije loop laten. Opscheppen geldt als ongepast. Zo leggen ze liever de nadruk op de negatieve aspecten in hun eigen land dan op behaalde successen. Je zou zeggen dat ze weinig nationalistisch zijn, maar dat is onjuist. Uit hun streven naar perfectie blijkt wel degelijk nationale trots.

Overige links:
Noorderlicht - Stockholm - Zweeds